26 beklaagden in Kortrijk veroordeeld tot werkstraffen in zaak van phishing
De correctionele rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Kortrijk heeft 26 beklaagden veroordeeld wegens hun aandeel in een dossier van phishing. 24 beklaagden werden veroordeeld wegens hun rol als ‘money mule’: door hun bankkaart en pincode beschikbaar te stellen aan derden, maakten ze het mogelijk dat hun rekeningen werden gebruikt voor criminele doeleinde. Zo leverden ze een noodzakelijke bijdrage aan feiten van oplichting en witwassen. Twee beklaagden werden veroordeeld wegens hun rol bij de verkoop van gsm-toestellen die waren aangekocht met geld van het slachtoffer.
Feiten en strafrechtelijk onderzoek
Op 22 april 2023 werd een schildersbedrijf uit Deerlijk het slachtoffer van phishing. Een voormalig aandeelhouder van de vennootschap had een bancaire volmacht over de rekeningen van het bedrijf. Op 22 april 2023 ontving zij een e-mailbericht dat afkomstig leek van BNP Paribas Fortis, met daarin een link en het verzoek om een aantal persoonlijke gegevens aan te vullen en te actualiseren. Ze drukte op de link en trachtte een aantal gegevens aan te vullen, maar kreeg de melding dat dit niet gelukt zou zijn. Kort daarop werd zij gebeld door een onbekend nummer, waarbij de oproeper zich voordeed als een medewerker van Card Stop en aangaf dat er zogezegd verdachte transacties plaatsvonden op de bankrekeningen van het bedrijf. Hij deelde mee welke stappen de voormalige aandeelhoudster moest ondernemen om de zogenaamd verdachte transacties te blokkeren. Zij verrichtte daarbij onder meer een aantal authenticaties met haar KBC-kaartlezer en voerde ook een link in op de adresbalk van haar computer.
Na dit telefoongesprek, dat twee uur duurde, stelde de vertegenwoordiger van de vennootschap vast dat er een heel aantal niet-toegestane banktransacties waren gebeurd op de bedrijfsrekeningen. Er werd in totaal 78.800 euro overgeschreven van de spaarrekening naar de zichtrekening van de vennootschap. Vanaf de zichtrekening gebeurden in totaal 56 overschrijvingen naar verschillende Belgische rekeningnummers en dit voor een totaalbedrag van 129.754 euro. De niet-toegestane verrichtingen werden allen uitgevoerd tijdens de duur van het telefoongesprek en telkens ging het om een bedrag tussen 2.000 en 2.500 euro. De vele bedragen kwamen op bankrekeningen van de beklaagden terecht. Nog dezelfde dag werd het merendeel van de overgeschreven gelden in contanten afgehaald of gebruikt voor aankopen. Op de rekening van één van de beklaagden kwam ook geld van een ander slachtoffer terecht. Deze rekening werd geblokkeerd voordat dit geld ervan kon verdwijnen.
Tenlasteleggingen
In totaal moesten 28 beklaagden zich verantwoorden voor de rechtbank voor:
• omzetting of overdracht van criminele vermogensvoordelen om de illegale herkomst te verbergen (het tweede witwas-misdrijf)
• verbergen van de aard, oorsprong en vindplaats, vervreemding, verplaatsing of eigendom van criminele vermogensvoordelen (het derde witwas-misdrijf)
• oplichting
Beoordeling schuldvraag
De rechtbank oordeelde de feiten bewezen in hoofde van 24 beklaagden. Door hun bankkaart en pincode beschikbaar te stellen aan derden, maakten deze beklaagden het als ‘money mule’ of ‘geldezel’ mogelijk dat hun rekeningen werden gebruikt voor criminele doeleinden. Ze leverden zo een noodzakelijke bijdrage aan de feiten van oplichting en witwassen.
Twee beklaagden werden alleen schuldig bevonden aan witwassen. Zij waren betrokken bij de verkoop van de gsm-toestellen die met geld van het slachtoffer waren aangekocht.
Vrijspraak voor twee beklaagden
De derde beklaagde verwittigde zelf meteen het slachtoffer van zodra hij de verdachte transacties op zijn rekening vaststelde. Ook met de politie was er contact. Deze houding strookt niet met deze van een persoon die wetens en willens betrokken is bij de feiten. De rechtbank achtte het bijgevolg niet bewezen dat de derde beklaagde wetens en willens zijn bankrekening ter beschikking van derden zou hebben gesteld. Ook de schuld van de dertiende beklaagde achtte de rechtbank niet bewezen.
Strafmaat
Naast één effectieve gevangenisstraf veroordeelde de correctionele rechtbank 15 beklaagden tot een gevangenisstraf van 6 maanden met uitstel voor een periode van 3 jaar en een geldboete. Aan 10 beklaagden werd een werkstraf opgelegd. Er werd ook telkens een geldbedrag verbeurd verklaard. Alle beklaagden zijn ook veroordeeld tot het betalen van schadevergoedingen en rechtsplegingvergoedingen aan het schildersbedrijf.
Een volledig overzicht van alle straffen, verbeurdverklaringen en schadevergoedingen per beklaagde vindt u in het addendum onderaan.
Motivering rechtbank
Bij het bepalen van de schuld en de strafmaat hield de rechtbank rekening met volgende elementen:
• Diverse beklaagden gaven toe dat ze via sociale media of door derden werden benaderd om hun bankkaart en pincode ter beschikking te stellen. Bij sommige beklaagden zou dit naar eigen zeggen met de bedoeling geweest zijn om snel geld te verdienen via bepaalde opportuniteiten of constructies (bijvoorbeeld beleggingen in cryptomunten).
• Het is voor de rechtbank ondenkbaar dat de beklaagden zich niet bewust waren dat hun rekening voor criminele doeleinden zou worden gebruikt. Elke persoon die over normale geestelijke en verstandelijke vermogens beschikt, weet dat je niet op legitieme wijze geld kan verdienen door het ter beschikking stellen van je bankkaart en pincode. Elk weldenkend mens beseft immers dat illegale praktijken en geldoverschrijvingen zullen plaatsvinden als men zijn bankkaart en pincode ter beschikking stelt van een derde die je via sociale media benadert.
• De beklaagden gaven door de feiten blijk van een verstoord normbesef en een gebrek aan respect voor andermans eigendomsrecht. De bewezen misdrijven ondermijnen bovendien het vertrouwen dat als sociaal bindweefsel noodzakelijk is in een samenleving.
• Het strafrechtelijk verleden, de leeftijd en de huidige sociale, familiale en professionele situatie van sommige beklaagden.
• Hoewel voor bepaalde beklaagden een werkstraf een passende straf kon zijn, stemden zij daarmee op de zitting niet in. In die gevallen kon de rechtbank dus geen werkstraf opleggen.
ADDENDUM – OVERZICHT STRAFMATEN EN VERBEURDVERKLARINGEN
Strafmaat + boete Verbeurd Schade
vergoeding
1e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 2.818,20 euro 4.900 euro
2e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800
euro
1.000 euro 2.320 euro
4e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 4.200 euro
5e beklaagde een werkstraf van 70 uur 1.000 euro 2.220 euro
6e beklaagde een werkstraf van 70 uur 1.000 euro 4.500 euro
7e beklaagde een werkstraf van 70 uur 1.000 euro 4.820 euro
8e beklaagde een werkstraf van 60 uur 1.000 euro 9.379 euro
9e beklaagde een werkstraf van 70 uur 1.000 euro 2.250euro
10e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 4.495 euro
11e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 2.012 euro *
12e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro *
14e beklaagde een werkstraf van 80 uur 1.000 euro *
15e beklaagde effectieve gevangenisstraf van 8 maanden – 800 euro 1.000 euro 2.400 euro
16e beklaagde een werkstraf van 70 uur 400 euro 4.589 euro
17e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 9.470 euro
18e beklaagde een werkstraf van 70 uur 1.000 euro 4.059 euro
19e beklaagde een werkstraf van 70 uur 1.000 euro 4.850 euro
20e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 4.582 euro
21e beklaagde een werkstraf van 70 uur 1.000 euro 4.785 euro
22e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 2.490 euro
23e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 4.850 euro
24e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 4.512 euro
25e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 9.155 euro
26e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 400 euro 1.000 euro 2.291 euro
27e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 4.593 euro
28e beklaagde 6 maanden met uitstel voor periode van 3 jaar – 800 euro 1.000 euro 4.850 euro