Home > Nieuws > Klimaatbetogers vergeten te vaak de noodzaak van een klimaatbewuste landbouwer

Klimaatbetogers vergeten te vaak de noodzaak van een klimaatbewuste landbouwer

Geschreven op 14 maart 2019 door Mario De Wilde

In het Knack-artikel van Gaia (Knack 12 maart 2019) wordt er 18% van de broeikasgasuitstoot gelegd bij de veehouderij. Die 18% komt uit een oude FAO-studie die reeds lang achterhaald is en helemaal niet representatief is voor de Belgische veehouderij (de FAO heeft dit cijfer zelf na vele klachten vanuit de wetenschap moeten bijstellen naar 14% wereldwijd gemiddelde). Eric Claeys, directeur van het Algemeen Boerensyndicaat vzw: “Landbouw in België stoot 9% van de broeikasgassen uit volgens het recentste Milieurapport (MIRA) Dat is een daling van 20 % t.o.v. 1990 en 8 % t.o.v. 2000. Een daling die zich steeds verder doorzet door efficiëntiewinst en het implementeren van innovatieve technieken.”

De grootste lasten voor de kleinste ‘vervuiler’

De veehouderij is op zich ongeveer verantwoordelijk voor de helft van de totale emissie van de landbouw. Maar ook die emissies zijn dalende. Eric Claeys; “Ter vergelijking, de sectoren transport, huishoudens en industrie hebben respectievelijk een aandeel van 19, 14 en 27 % in de Vlaamse broeikasgasemissie (bron: MIRA 2018). Dit is allemaal een pak hoger dan de landbouwsector en in een aantal sectoren stijgt de emissie nog steeds met weinig zicht op beterschap bij ongewijzigd beleid. Als je morgen stopt met de consumptie van vlees of andere producten vanuit de veehouderij dan nog zal je geen significante daling van de uitstoot zien. De eiwitten zullen vervangen dienen te worden door andere eiwitbronnen, plantaardige of kunstmatig gefabriceerd kweekvlees, en dat veroorzaakt ook uitstoot. Bij de productie van die alternatieve eiwitbronnen komen er ook reststromen vrij. Nu gaan voedingsreststromen grotendeels naar de veevoeding, die grotendeels uit “afval” van de industriële verwerking van het plantaardig deel van onze voeding bestaat. Een alternatieve verwerking zal ook bijkomende uitstoot van CO2 en methaan veroorzaken.”

Stappen vooruit zetten

De realiteit gebiedt ook te zeggen dat er altijd een zekere vorm van emissie zal zijn bij voedselproductie. Dat was duizenden jaren geleden zo en dat zal morgen ook zo zijn. Eric Claeys: “In tegenstelling tot andere sectoren is de landbouwsector wel reeds altijd en grotendeels circulair geweest, ook vandaag. Op circulair vlak staat de landbouw (veel) verder dan velen denken. Ten opzichte van andere sectoren liggen we mijlenver voorop. Nieuwe wetenschappelijke inzichten en recent onderzoek bevestigt keer op keer dat we nog stappen vooruit kunnen zetten. Het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO) bijvoorbeeld heeft reeds oplossingen klaar die op korte termijn toegepast zullen worden. De uitstoot van methaan kan met een derde gereduceerd worden door kleine aanpassingen in de voederrantsoenen van de koeien. CO2 , overwegend uitgestoten door andere sectoren verblijft tot ruim 100 jaar in het leefmilieu.”

Eric Claeys: “Onze, door sommigen verfoeide methaan-uitstotende herkauwers, werken ook mee om de kringloop te sluiten. Methaan degradeert na maximaal zo’n 30 jaar (volgens sommige bronnen zelfs na 10 jaar) naar onder andere CO2. CO2 dat via het gras en andere voedergewassen gecapteerd wordt uit de lucht en terug door de herkauwers opgenomen wordt. De gewassen “wassen” tijdens hun groeiperiode als het water de lucht door de omzetting van CO2 in O2, zuurstof. De C van de koolstof nemen de gewassen op in hun blad en wortelgestel. Zo worden ze koolstofbronnen voor de bodem, één grote koolstofopslagtank, waar we graag en veel zorg voor dragen als landbouwer, bebouwer van ons land. Zo wordt deze kringloop gesloten. Graslanden zijn beter in het opnemen van CO2 dan bossen. Ook tegenover suikerbieten moet een bos buigen als het gaat over de opname van CO2. En zo zijn zowat alle landbouwgewassen in meer of mindere mate sterk in de opname van CO2. Het is inderdaad zo dat bij voedingsgewassen een groot deel van de CO2 relatief snel terug vrijkomt bij consumptie. Maar ook bij het bos komt de CO2 vroeg of laat terug vrij.”

Vanwaar komt dan de focus op landbouw door een deel van de klimaatbetogers?

Ideologische visies worden verkondigd, veelal gebaseerd op achterhaalde gegevens en interpretaties die niet meer stroken met meer recent cijfermateriaal. De landbouwsector levert reeds geruime tijd zware inspanningen om te voldoen aan allerlei maatschappelijke verwachtingen. De totale broeikasgasuitstoot vanuit de land- en tuinbouw daalde met rasse schreden sinds 1990 (zie hoger). Het grootste probleem is dat de gemiddelde consument, en vooral de stedeling, totaal vervreemd is van zijn eigen voedselproductie en ook vervreemd is van het platteland. Daar wordt handig gebruik van gemaakt om de landbouw in een kwalijk daglicht te stellen.

Times are changing

De maatschappij evolueert. Het platteland evolueert. Steden evolueren. Het oude stadsbeeld van weleer komt niet meer overeen met de huidige kijk op stadsplanning, net zoals het platteland geëvolueerd is van “rustig aan“ naar “gerichter, duurzamer en efficiënter” produceren. De evolutie in de landbouw van de laatste jaren is er inderdaad een geweest van een zekere schaalvergroting, maar gelijklopend ook een van verdere verduurzaming. De cijfers liegen niet, gelet op de dalende emissies vanuit onze sector. In de ogen van menige stedeling blijft het beeld bestaan van een idyllisch immer groen en eenzijdig natuurlijk platteland, veelal aangewakkerd vanuit de ideologische visie van sommige groeperingen. Jammer genoeg wordt het beeld te weinig bepaald door eigen ervaringen, door de boer op te gaan en in gesprek te gaan, van man tot man of vrouw Zo wordt ons verhaal te vaak verteld door diegenen die ons niet meer kennen. De verhoogde aandacht voor kweekvlees past in dit plaatje en is sterk kapitaal gedreven. De financiering van kweekvleesbedrijven komt uit de privésector en wordt gekaapt door de rijksten der aarde: de labo-hamburger van de Nederlandse professor Mark Post werd gefinancierd door Sergey Brin, de co-oprichter van Google. Ook de eigenaars van Amazon, Virgin en Microsoft financieren hun eigen start-ups in de kweekvlees wereld. Er wordt rond kweekvlees bewust een hype gecreëerd om nieuw kapitaal aan te trekken. De hang naar snel geldgewin en disruptie staat duidelijk boven ethiek en moraal.

De hang van sommige groeperingen naar allerlei hyperbewerkte voeding is op zijn zachtst gezegd vreemd te noemen. Zowat alle veganistische producten zijn extreem bewerkt en volgepropt met toevoegmiddelen. Het laatste woord over de effecten op je gezondheid is nog niet gezegd. De bewuste consument (en dat zijn er steeds meer) zoekt steeds uitdrukkelijker zijn weg naar meer lokaal en minder bewerkte voeding. De sterke groei van korte keten is hier een duidelijk bewijs van. “Farming looks mighty easy when your plow is a pencil and you’re a thousand miles from the cornfield” (Dwight D. Eisenhower) In heel het verhaal is er één constante. Zowat elke influencer of ideologische groepering heeft zijn mening over landbouw en hoe die landbouw er volgens hen moet uitzien. Het is echter, zoals voormalig Amerikaans president Dwight Eisenhower schreef, heel gemakkelijk om te zeggen hoe we moeten boeren wanneer je ploeg een potlood is en wanneer je mijlenver verwijderd bent van het veld. Allemaal leggen ze een zware druk op de landbouwersgezinnen, alleen zien en kennen ze hen niet …

Maar wat met de boer zelf? Bestaat “de boer” wel?

Als Algemeen Boerensyndicaat kennen we de landbouw van binnen uit. Onze baseline is niet zomaar “met verstand van boeren”. De gemiddelde landbouwer bestaat niet. Daarvoor is landbouw te divers. Het gevolg is dat geen enkele visie op landbouw van een actiegroep getuigt van realiteitsbesef. Nergens wordt er een duurzame toekomst voor de landbouwer en de duizenden werknemers van de ganse agrovoedingsketen geschetst. De duurzaamheid van kweekvlees staat overigens ter discussie omdat recente studies aantonen dat het procedé om tot kweekvlees te komen op langere termijn niet goed scoort op milieuvlak. GAIA verzwijgt dit uiteraard. Geef ons maar de pure steak of hamburger van bij ons. Ook de vegetarische medemens voorzien we graag van lekker en gezond voedsel van bij ons. Maar laat de boodschap duidelijk zijn. Landbouwers zijn wel degelijk klimaatbewust en ondervinden er als eerste de voor- en nadelen van. Wil je meer weten dan zal je zelf wel de boer op moeten.
Wij, landbouwers, weten ook, dat wij net zoals iedereen een tandje moeten bijsteken naar een beter klimaat, maar onze maatschappij moet er wel voor zorgen dat ze niet de tak afzaagt waar ze zelf opzit … No farmers, No Food, No Future!

0 reacties

Wees de eerste die reageert op dit artikel!

Geef een reactie op dit artikel

Velden met een * zijn verplicht in te vullen. E-mailadressen worden nooit gepubliceerd op de website.