Katia Goetgeluck en Jo Debruyne van De Huis-Uiltjes in Brugge vangen 18 kinderen op, maar….
Op 1 januari 2026 treedt het BOA-decreet in Vlaanderen in werking. Daardoor worden steden en gemeenten zelf bevoegd voor de organisatie en financiering van buitenschoolse opvang. Vlaanderen schuift de budgetten door om de financiële koek in de sector eerlijker te verdelen. De basisgedachte is goed, maar het BOA-decreet (Buitenschoolse Opvang en Activiteiten) heeft een keerzijde. Dat bevestigen Katia Goetgeluck en Jo Debruyne van De Huis-Uiltjes in Brugge.
In 2000 startte Katia Goetgeluck in de Brugse deelgemeente Dudzele met kinderopvang. In een huiselijke context vangt ze vandaag samen met echtgenoot Jo 18 schoolgaande jonge kinderen op, buiten de schooluren. De woning werd voor De Huis-Uiltjes op maat omgebouwd en biedt de maximaal comfort en speelplezier.
Hoe ziet een dag bij in het Uilen-Huisje eruit?
Katia: “Kinderen komen hier toe vanaf 7u ’s ochtends. Ze kunnen hier in alle rust eten en rond 8u30 brengen we hen naar de basisschool in de buurt. ’s Middags halen we hen weer op en eten ze een warme maaltijd, die wij vers bereiden. De iets grotere kinderen keren om half twee terug naar school, de jongsten kunnen hier slapen. Na schooltijd keren de oudste kinderen opnieuw terug en mogen ze hier tot 17u30 blijven om even tot rust te komen, weg van het schoolgebeuren.”
Wat is het verschil met een doorsnee ‘voorschoolse’ opvang?
Katia: “De huiselijke context die we aanbieden, is uniek in zijn soort en in theorie zijn we – in tegenstelling tot voorschoolse opvanginitiatieven – tijdens de schooluren ‘vrij’. We benutten die tijd om dingen klaar te zetten, eten te bereiden, activiteiten te plannen, noem maar op.”
Jo: “Er komen heel wat dingen kijken bij dit werk, we gaan een paar keer per dag naar school en terug met onze kinderen. Maar dat doen we met hart en ziel. Ik koos bewust voor dit werk na mijn pensioen en legde zelfs een kwalificatietraject af, verspreid over drie jaar. In principe mag ik de job alleen uitoefenen, maar wij doen het met twee. Het jammere is dat, als het BOA-decreet ingaat, mijn getuigschrift niet meer van tel is. En dat is zonde, want ik heb er veel energie en tijd in gestoken.”
Jo legde zijn kwalificatie af omdat De Huis-Uiltjes officieel vergund is onder baby- en peuteropvang, bij Welzijnsvereniging De Blauwe Lelie (OCMW Brugge). Daardoor is het diploma verplicht.
Jo: “Maar in realiteit werk ik natuurlijk in een buitenschoolse opvang. De investering in de kwalificatie is trouwens niet de enige die we deden. Ook de verbouwing en uitbreiding van ons huis en de ingerichte speelruimte buiten, kwamen er in functie van de kinderen. We moesten voldoen aan de regelgeving van de brandweer en het Federaal Agentschap Voedselveiligheid en legden een heel traject af om hier te geraken.”
Katia: “Voor de kinderen voelt deze plek als een tweede thuis, sommigen komen hier zelfs tot hun twaalf jaar. Als ze vroeger stoppen en er komt opnieuw een plaatsje vrij, keren ze zelfs tijdelijk terug. Dat is hartverwarmend. Het onderstreept hoe ‘nodig’ deze opvangvorm in de buurt is.”
Het BOA-decreet herschikt de kaarten vanaf januari 2026. Daardoor zal De Huis-Uiltjes door het ‘buitenschoolse karakter’, gesubsidieerd worden door Stad Brugge. De onzekerheid over het statuut zorgt voor twijfels: is het nog de moeite om er samen voor te gaan? Is het sop nog de kolen waard?
Jo: “Het erge is dat wij vandaag inderdaad niet weten waar we staan en welke veranderingen er op til zijn. Het is koffiedik kijken voor de toekomst. De kans dat De Blauwe Lelie De Huis-Uiltjes overneemt, is erg klein.”
Katia: “Veel vragen blijven voor ons onbeantwoord. Gesteld dat ik in het nieuwe systeem instap, krijg ik dan een vast loon, ongeacht het aantal kinderen dat ik opvang? Nu ontvangen we een vergoeding per kind dat aanwezig is. Hoe dat zou evolueren door het BOA-decreet, is onduidelijk.”
80 miljoen euro extra
De aanloop naar BOA maakt alvast duidelijk dat de vereisten om voor kinderen te zorgen in de buitenschoolse opvang, minder streng zijn dan in de voorschoolse opvang. De Huis-Uiltjes valt onder die laatste noemer en zet in op een nauwe samenwerking met kinderdagverblijf het Uilennestje in Dudzele. De doorstroom van kinderen uit het Uilennestje zorgt voor continuïteit bij jonge gezinnen.
Heeft het BOA-decreet eigen voordelen voor de sector?
Katia: “Ach, eigenlijk is bijna niemand tevreden over deze evolutie. Er zitten te veel addertjes onder het gras en Brugge is een van de ‘verliezers’ door de regelgeving, ook al heeft de kersverse Vlaamse regering nog eens 80 miljoen euro voorzien om ze meer slagkracht te geven.”
Voorlopig blijft De Huis-Uiltjes actief in Dudzele. Wat als blijkt dat het BOA-decreet niet meer werkbaar is voor jullie?
Jo: “Dan moet de stekker er helaas uit. We zien doodgraag kinderen en doen dit werk – zoals ik al zei – met hart en ziel. Maar voor niks gaat de zon op. Voor de kinderen en ouders zou het natuurlijk zonde zijn als we ermee ophouden. Net daarom vragen we het beleid om rekening te houden met een context zoals de onze.”
Katia: “Gesteld dat onze opvang stopt, dan heb ik zelf ook een probleem, want ik kan pas in 2033 met pensioen. Na een carrière van meer dan 30 jaar beginnen solliciteren, is verre van evident. Ik had oprecht gehoopt dit tot het einde van mijn loopbaan te kunnen en mogen doen.”
Communiceren jullie met de ouders over het verhaal? Hoe reageren ze hierop?
Jo: “Iedereen reageert even verbijsterd. Ze snappen niet dat er boven onze hoofden zulke ingrijpende beslissingen worden genomen. En ze vragen zich natuurlijk af waar de kinderen terecht zullen kunnen, als De Huis-Uiltjes ermee ophoudt. Maar zo ver is het gelukkig nog niet. Aan de beleidsmakers kan ik alleen maar zeggen: herbekijk de zaak. Het decreet is een investering op korte termijn, maar kinderen, die zijn de lange termijn. Ze zijn onze toekomst. Dààr moeten we in investeren.”