Brugse Groeninge wordt een duurzaam warmte-eiland
Het stadsbestuur van Brugge heeft de voorbije jaren ingrijpend geïnvesteerd in de vernieuwing en verduurzaming van de technische installaties op de Groeninge-site. De volledige warmte- en koudeproductie werd hertekend en hernieuwbaar gemaakt via een BEO-veld (Boorgat Energie Opslag), wat resulteert in een hybride en toekomstgerichte stookplaats die naast het museum nu ook meerdere nabijgelegen stadgebouwen van warmte en koude voorziet. Daarmee wordt Groeninge vandaag een van de meest vooruitstrevende museumsites op het vlak van energie en klimaatbeheersing. In januari 2026 volgt de laatste en cruciale fase van dit dossier met de aansluiting van het Arentshuis en het Koetsenhuis door middel van gestuurde boringen onder het Arentshof.
Naast de energieproductie werd ook de verdeling van warmte en koude al grondig aangepakt. Warmte die uit het gebouw wordt onttrokken, bijvoorbeeld via ontvochtiging, wordt voortaan maximaal hergebruikt in plaats van afgeblazen. Tegelijk werden verouderde en lekke ondergrondse leidingen vervangen en werd ook de conciërgewoning aangesloten op de centrale installatie van Groeninge.
Deze ingrepen kaderen binnen de voorbereiding van een latere totaalrenovatie van het Groeningemuseum. De bestaande technieken waren technisch uitgeput en boden onvoldoende garanties voor een stabiel binnenklimaat, nochtans essentieel voor het behoud van topstukken zoals de Vlaamse Primitieven. Door nu al te investeren in flexibele en toekomstbestendige installaties blijft deze investering ook bij de latere restauratie maximaal renderen.
“Het binnenklimaat in musea als Groeninge is geen luxe, maar een absolute noodzaak”, zegt schepen van Facilitair Beheer Pieter Marechal. “We hebben bewust gekozen voor een oplossing die niet alleen duurzaam en energie-efficiënt is, maar ook modulair en flexibel. Zo beschermen we vandaag onze collecties en vermijden we morgen bijkomende kosten.”
Schepen van Energie en Klimaat Pablo Annys: “Met ons strategisch energie- en klimaatplan voor Brugge zijn we goed op weg om tegen 2030 de CO2 uitstoot te halveren. Onze stedelijke diensten nemen hierin ook duidelijk het voortouw met gerichte energiezuinige investeringen in onze stadsgebouwen. Met dit BEO-veld voor de Groeninge site tonen we ook aan dat we in onze historische binnenstad onze klimaatambities kunnen waarmaken.”
Laatste fase in januari 2026: aansluiting Arentshuis en Koetsenhuis
In januari 2026 volgt de laatste en cruciale fase van dit dossier met de aansluiting van het Arentshuis en het Koetsenhuis, twee gebouwen die de afgelopen jaren te kampen hadden met ernstige technische problemen en dringend aan vernieuwing toe zijn. Het Arentshuis krijgt zo een stabiele en duurzame warmtevoorziening. In het Koetsenhuis wordt tegelijk het oververhittingsprobleem aangepakt en de serverkoeling gerecupereerd. De overtollige warmte wordt in de zomer opgeslagen in het BEO-veld, zodat ze in de winter opnieuw kan worden benut.
Groeninge evolueert daarmee naar een echt warmte-eiland dat zes gebouwen op verschillende percelen, gescheiden door openbaar domein, van verwarming en koeling zal voorzien:
• Groeningemuseum
◦ Xaveriuskapel
◦ Dijver 12
◦ Conciërgewoning
◦ Arentshuis
▪ Koetsenhuis (waarbij ook restwarmte uit de serverruimte zal worden hergebruikt)
“De grootste werkzaamheden in deze fase staan gepland op woensdag 14 januari, met meerdere gestuurde boringen onder het Arentshof om de gebouwen ondergronds met elkaar te verbinden. De leidingen worden nu al zo gedimensioneerd dat, wanneer er in de toekomst een stedelijk warmtenet beschikbaar is, de energiestromen ook in omgekeerde richting kunnen verlopen”, zegt schepen Pieter Marechal.
Schepen van Cultuur Nico Blontrock: “Met dit dossier tonen we dat erfgoedzorg en klimaatambitie perfect hand in hand kunnen gaan. Door meerdere cultuurgebouwen te koppelen in één slim en duurzaam systeem verlagen we niet alleen onze CO₂-uitstoot, maar versterken we ook de toekomst van onze musea.”
Uniek en hoogstaand HVAC-project
Technisch gezien is dit project bijzonder innovatief. Het gaat om één geïntegreerd HVAC-systeem (Heating, Ventilation and Air Conditioning) dat instaat voor verwarming en koeling van meerdere gebouwen, met maximaal hergebruik van restwarmte. Het Groeningemuseum was bovendien de tweede grootste energieverbruiker van de Stad; de vernieuwde installaties zorgen voor een aanzienlijke reductie van het energieverbruik en de CO₂-uitstoot.
De investering, geraamd op 1.652.187,48 euro (BTW inbegrepen), kwam tot stand binnen de kaderovereenkomst tussen Stad Brugge en de diensten Duurzame Gebouwen van Fluvius. De werkzaamheden werden uitgevoerd door SPIE Belgium. Dankzij deze samenwerking kon het dossier efficiënt worden uitgewerkt en uitgevoerd, ondanks de hoge urgentie en complexiteit.